14 oktober 2025

Factcheck: "Tegenwoordig heeft iedereen een label"

In een factcheck nemen we een veelvoorkomende uitspraak of misverstand over diagnostiek onder de loep.

We horen steeds vaker dat het aantal diagnoses blijft stijgen. Vorig jaar zouden bijvoorbeeld maar liefst 60 leerlingen per dag een label voor gedragsproblemen of leerstoornissen gekregen hebben. Ook het aantal personen met een depressie zou sinds 2020 toegenomen zijn met 44%.  Hallucinante cijfers. Maar kloppen die wel?      

Auteur: Dr. Femke Cathelyn

Image

Wat zegt de wetenschap?

De laatste jaren werden tal van internationale studies uitgevoerd naar de toename van verschillende diagnoses, zoals depressie, OCD, autisme en ADHD. Sommige studies tonen bewijs voor een (grote) toename, andere weer niet. 
De verschillen tussen studies zijn voor een groot deel te wijten aan de methodes die onderzoekers gebruiken en de kwaliteit van het onderzoek. Onderzoekers moeten bijvoorbeeld bepalen hoe ze de aanwezigheid van een diagnose ‘meten’. Dat doen ze door bijvoorbeeld: 

  • aan personen te vragen of ze een officiële diagnose hebben gekregen;
  • rapporten van diagnostische organisaties te analyseren;
  • personen een (screenings)vragenlijst te laten invullen over de aanwezigheid van diagnostische kenmerken. 

In studies die de laatste methode gebruiken, zal de prevalentie (de proportie van de populatie die een specifieke eigenschap heeft in een bepaalde periode) waarschijnlijk hoger ligger dan in andere studies. Dat komt omdat mensen met bepaalde kenmerken of klachten worden meegeteld; ook wanneer er geen grondig diagnostisch onderzoek werd doorlopen, en bij deze personen geen officiële diagnose werd gesteld. Een stijging in cijfers betekent dus niet automatisch dat meer mensen een diagnose hebben, maar kan ook het gevolg zijn van hoe onderzoek wordt uitgevoerd.

Wat zeggen de cijfers in Vlaanderen?

Ook over het aantal diagnoses in Vlaanderen bestaan geen eenduidige cijfers. De berichtgeving in de Vlaamse media wekt soms de indruk dat er een sterke stijging is van het aantal diagnoses. Enkele voorbeelden en kanttekeningen daarbij: 

In 2023 werd een grootschalig onderzoek naar het psychisch welbevinden van Vlamingen uitgevoerd. In verschillende nieuwsberichten werd nadien aangekondigd dat 1 op 5 van de Vlaamse volwassenen een ‘psychische stoornis’ of diagnose heeft, en dat het “om een flinke stijging in twintig jaar tijd gaat.” Deze conclusie klopt niet (helemaal):

  • Deelnemers aan het onderzoek vulden een vragenlijst in over diagnostische kenmerken. Het ging dus niet over officiële, door professionals gestelde, diagnoses.
  • 20 jaar geleden werden andere vragenlijsten en criteria gebruikt om diagnoses te ‘meten.’ Ook werden er veel minder diagnoses in rekening gebracht. De onderzoekers geven dan ook aan dat de cijfers van vroeger en nu niet zomaar vergeleken kunnen worden. 

Begin 2024 werd in het nieuws aangekondigd dat diagnoses voor aandachts- en gedragsproblemen op amper drie jaar tijd toegenomen zouden zijn met meer dan 50%. Meer nog, in 2024 zouden 60 leerlingen per dag een diagnose, zoals ADHD, hebben gekregen. Deze conclusie klopt niet (helemaal):

  • Deze cijfers zijn enkel gebaseerd op het jaarverslag van de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s). Dit verslag rapporteert niet (noodzakelijk) over officiële diagnoses, maar wel over onder andere het aantal ‘GC-verslagen’. Een GC-verslag zorgt ervoor dat een school financiële ondersteuning krijgt zodat zij op hun beurt kinderen met moeilijkheden kunnen ondersteunen. De beschreven toename situeert zich dus in een heel specifieke context.

Waarom een stijging in (de vraag naar) diagnoses?

In nieuwsberichten gaan nuanceringen vaak verloren en worden complexe cijfers sterk vereenvoudigd. Hierdoor kan de indruk ontstaan dat er steeds meer mensen een diagnostisch label hebben. Of dit wel degelijk het geval is, kunnen we op basis van onderzoek niet met zekerheid besluiten. De lange wachtlijsten, de tijdelijke aanmeldingsstops en de invoering van toelatingsvoorwaarden bij diagnostische organisaties, doen wel vermoeden dat de vraag naar een diagnose stijgt.

In de wetenschappelijke literatuur worden verschillende verklaringen naar voren geschoven voor de (mogelijke) stijging van (de vraag naar) diagnoses: 

  • Een toename van psychische problemen: Als mogelijke verklaring hiervoor wordt soms de link gelegd met maatschappelijke tendensen, zoals onze jachtige maatschappij en de hoge druk die veel mensen ervaren.
  • Meer (bekendheid over) psychische moeilijkheden: Bewustmakingscampagnes kunnen er toe bijdragen dat stigma rond psychische moeilijkheden verlaagt, dat personen signalen makkelijker herkennen en sneller hulp zoeken. Sommige onderzoekers waarschuwen dat een hogere bewustwording ervoor kan zorgen dat bepaalde ervaringen te snel als psychische problemen worden beschouwd.
  • De organisatie van de zorg: In veel westerse landen is een officiële diagnose vaak een voorwaarde om toegang te krijgen tot geschikte ondersteuning.
  • Fuzzy boundaries: De toename van het aantal mogelijke diagnoses en veranderingen in diagnostische criteria spelen ook een rol. Wanneer de criteria versoepelen, komen meer mensen in aanmerking voor een officiële diagnose.

Dit zijn allemaal mogelijke verklaringen. Waarschijnlijk gaat het om een samenspel van verschillende factoren. 

info icoon

Conclusie: feit of fictie

We kunnen niet met zekerheid besluiten of het aantal diagnoses effectief is gestegen. Er zijn weinig consistente en betrouwbare cijfers over het aantal diagnoses of een eventuele stijging daarvan; zowel op internationaal als op Vlaams niveau. In de wetenschappelijke literatuur worden wel verschillende factoren beschreven die kunnen meespelen in de (mogelijke) stijging van (de vraag naar) diagnoses. 

Hoor jij soms ook onjuiste uitspraken over diagnostiek? Laat het ons weten en misschien gebruiken we het als inspiratie voor een van onze volgende factchecks.