02 september 2025

Factcheck: "Online informatie kan je niet vertrouwen"

In een factcheck nemen we een veelvoorkomende uitspraak of misverstand over diagnostiek onder de loep.

Iedereen heeft het weleens gedaan: een fysieke klacht googelen en vervolgens ongerust geraken door de uitkomst. Ook over mentale gezondheidsproblemen circuleert heel wat informatie online. 

Het internet en sociale media maken informatie over diagnostiek toegankelijk voor het brede publiek. Hierdoor kunnen mensen makkelijker kennis over mentale gezondheid opdoen. Dit helpt om mentale gezondheidsproblemen te herkennen, te begrijpen en ermee om te gaan. Informatie kan stigma verlagen, herkenning bieden en mensen sneller richting hulp leiden. Maar klopt al die informatie wel?

Auteur: Dr. Kimberly Van Nieuwenhove

Van wetenschappelijk onderzoek naar populaire media

Het goede nieuws is dat je online veel bronnen kan terugvinden met wetenschappelijk onderbouwde informatie over diagnostiek. Maar dat wil niet zeggen dat deze bronnen ook effectief gelezen worden. De inhoud is vaak te complex, of slecht vormgegeven. Goede bronnen worden hierdoor soms zelfs als onbetrouwbaar bestempeld. Toegankelijkheid speelt dus een grote rol in het al dan niet raadplegen van correcte informatie.

Populaire persberichten, blogs en krantenartikelen proberen daar iets aan te doen door complex wetenschappelijk onderzoek sterk te vereenvoudigen. Hierdoor verdwijnen vaak cruciale nuances en worden harde claims gemaakt. Denk maar aan koppen zoals 'ADHD is een hersenaandoening' of 'AI kan autisme detecteren'. Wanneer je de wetenschappelijke bronnen achter deze artikels leest, merk je dat het vaak om kleine groepsverschillen, niet-oorzakelijke verbanden of voorlopige bevindingen gaat. Kortom, het gaat vaak om bevindingen die niets of weinig kunnen zeggen over een individu, terwijl vereenvoudigde artikelen dit wel doen uitschijnen. 

Image

(Mis)informatie op sociale media

Dan zijn er uiteraard ook nog de sociale mediaplatformen, zoals Instagram, YouTube en TikTok. Deze kanalen worden steeds meer gebruikt om informatie en ervaringen over (mentale) gezondheid uit te wisselen. Zo circuleren er korte filmpjes met titels als ‘if you show these 5 signs you might have ADHD’, ‘what OCD looks like through my eyes’, ‘POV: Autism’, die miljoenen kijkers trekken. Door het laagdrempelige karakter van dit soort filmpjes herkennen jongeren – en volwassenen – zichzelf snel in wat er gezegd wordt en geraken ze soms zelfs overtuigd dat ze ADHD, autisme of OCD hebben.

Uit verschillende studies blijkt dat een groot deel van deze content onjuist is. Zo toonde een recent onderzoek aan dat maar liefst 55% van geanalyseerde video’s foutieve informatie bevat over de kenmerken van een diagnose ADHD. Zelfs als de genoemde kenmerken overeenkomen met de officiële criteria, wordt zelden vermeld dat de kenmerken het dagelijks functioneren moeten belemmeren om te kunnen spreken van een diagnose. Daarbij wordt nog helemaal buiten beschouwing gelaten dat er een professioneel, interdisciplinair team nodig is om een diagnose op een kwaliteitsvolle manier te onderzoeken en te stellen.  

Image

Dokter TikTok

Risico's van diagnostiek op sociale media

Het verspreiden van ongenuanceerde of onjuiste informatie over diagnostiek kan verschillende negatieve gevolgen hebben:  

  • Pathologisering: alledaagse, menselijke ervaringen worden te snel bestempeld als een probleem. 
  • Selffulfilling prophecy: mensen gaan zich gedragen naar een (vermeende) diagnose, waardoor uitdagingen of klachten kunnen verergeren. 
  • Onnodige druk op het zorgsysteem: de vraag naar officiële diagnoses neemt toe, ook wanneer dat niet nodig is, met langere wachtlijsten tot gevolg.
  • Miskenning en onderwaardering: zowel tegenover mensen met een diagnose die belemmeringen ervaren op verschillende levensdomeinen, als tegenover professionals die veel tijd en expertise investeren om tot een zorgvuldige diagnose te komen.
Image

mentale gezondheidsgeletterdheid

Wat kan jij als hulpverlener doen?

Als hulpverlener is het belangrijk om bewust te zijn van de informatie die online circuleert, een kritische houding aan te nemen en mentale gezondheidsgeletterdheid (ook wel mental health literacy) te stimuleren bij cliënten.

Gezondheidsgeletterdheid gaat over de kennis, attitudes en vaardigheden die mensen nodig hebben om (psychische) moeilijkheden te herkennen, te begrijpen en passende hulp te zoeken. Het gaat onder meer om:

  • Het herkennen van klachten of moeilijkheden
  • Inzicht in risico- en beschermende factoren 
  • Weten welke professionele hulp er is en hoe je die vindt 
  • Betrouwbare informatie kunnen zoeken en beoordelen 

Opvattingen over bijvoorbeeld oorzaken, gevolgen, behandeling en identiteit (“wat zegt dit over mij?”) beïnvloeden hoe mensen bepaalde moeilijkheden of uitdagingen herkennen, ervaren en ermee omgaan. Een goede gezondheidsgeletterdheid is daarom heel belangrijk. 

info

Conclusie: feit of fictie

Naast betrouwbare informatie circuleren er online ook veel misvattingen over diagnostiek, waarbij sociale media een steeds grotere invloed uitoefent. Dit kan leiden tot negatieve gevolgen voor zowel cliënten als het zorgsysteem. Daarom is het versterken van mentale gezondheidsgeletterdheid cruciaal, en kunnen hulpverleners een belangrijke rol spelen door mensen te ondersteunen in het vinden en beoordelen van correcte en bruikbare informatie.

Hoor jij soms ook onjuiste uitspraken over diagnostiek? Laat het ons weten en misschien gebruiken we het als inspiratie voor een van onze volgende factchecks.