14 oktober 2020

Studiedag Algemene Intersectorale Richtlijn Diagnostiek

De voorstelling van een nieuwe richtlijn

Ter gelegenheid van de nieuwe Algemene Intersectorale Richtlijn Diagnostiek organiseerde het Kwaliteitscentrum op 14 oktober 2020 een studiedag in de Oude Vismijn in Gent. Verschillende sprekers belichtten elk vanuit hun expertise een aspect van kwaliteitsvolle diagnostiek.

Programma

Ontstaan Intersectorale Richtlijn en belang van kwaliteitsvolle diagnostische instrumenten

Dr. Nathalie Schouppe

Eén van de opdrachten van het KCD is het ontwikkelen en implementeren van diagnostische protocollen. In het kader hiervan werd de nood aan een algemene duidelijke omkadering en visie aangevoeld. Om aan deze behoefte te voldoen heeft een werkgroep bestaande uit experten inzake diagnostiek ingezet op de ontwikkeling van een richtlijn – de Algemene Intersectorale Richtlijn Diagnostiek – met als doelstelling een algemeen gedragen kwaliteitskader aan te reiken aan het diagnostische werkveld. Naast een omvattende definiëring van diagnostiek schetst deze richtlijn zeven kwaliteitspijlers waaraan een diagnostisch proces idealiter voldoet. In deze presentatie zal in eerste instantie de ontwikkeling en inhoud van de richtlijn toegelicht worden. Daarnaast focust deze presentatie op één van de beschreven kwaliteitspijlers, zijnde het gebruik van kwaliteitsvolle methodieken en instrumenten

Dr. Nathalie Schouppe is wetenschappelijk medewerker binnen het Kwaliteitscentrum voor Diagnostiek vzw, waar zij focust op onderzoeksthema’s binnen het domein jeugdhulp.

Het delen van gezondheidsgegevens: naar een betere balans met de autonomie en privacy van de patiënt?

Prof. dr. Kristof Van Assche

Onze gezondheidszorg is sinds kort de weg ingeslagen van digitalisering en gegevensdeling. Deze evolutie is onomkeerbaar en heeft een grote impact op preventie, diagnose en behandeling. Ondanks de grote voordelen die hiervan te verwachten zijn, staat deze evolutie op gespannen voet met sommige patiëntenrechten en in het bijzonder met het respect voor diens autonomie en privacy. Relevante principes vinden we onder meer terug in de Wet Patiëntenrechten, de Kwaliteitswet en de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Vragen die in dit verband gesteld kunnen worden zijn onder meer: 
1) mag gegevensdeling als voorwaarde gesteld 
worden voor het verlenen van zorg?; 
2) hoe valt de ruime toegang tot de gezondheidsgegevens te rijmen met het beroepsgeheim en het vertrouwen dat de patiënt in de zorgverlening moet kunnen stellen?; en 
3) wat met het recht van de patiënt op inzage, rectificatie en wissen van bepaalde gegevens? 

Prof. dr. Kristof Van Assche is onderzoeksprofessor gezondheidsrecht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij ook rechtsfilosofie doceert. In zijn onderzoek analyseert hij de juridische kwesties die kunnen opduiken bij potentieel controversiële interventies op het gebied van gezondheidszorg, zoals abortus, euthanasie en medisch geassisteerde zelfmoord, orgaandonatie en orgaanhandel, prenatale tests en gene editing, medisch geassisteerde voortplanting en draagmoederschap, biobanking, experimenten op mensen, neuro-interventies, en dwangmaatregelen. Zijn invalshoek is naast strikt juridisch ook ethisch en rechtsfilosofisch van aard.

Een crisis is ook altijd een verhaal

Prof. dr. Stijn Vanheule

Psychische problemen komen onder allerlei gedaanten tot uiting. Bij de ene als agressieproblematiek, bij een andere als eetstoornis en bij nog iemand anders onder de vorm van een verslaving. Door problemen op die manier te categoriseren krijgen we vat op typische gedragspatronen. Maar er is meer. Het functioneren van mensen is ook altijd ingebed in leefwerelden en sociale omstandigheden. Crisissen getuigen met name van een stilstand in iemands verhaal. Ze geven uiting aan radeloosheid en verwarring. Aan boosheid en verdriet. Wie deze dynamiek wil vatten, moet de verhalen van jongeren lezen en beluisteren. Die moet tijd en ruimte scheppen om samen met alle betrokkenen te denken en te zoeken. Enkel op die manier kan diagnostiek het pad effenen voor pragmatische actie en destructieve patronen helpen doorbreken.

Prof. dr. Stijn Vanheule is klinisch psycholoog en psychoanalyticus. Hij is als professor klinische psychodiagnostiek en psychoanalyse verbonden aan Universiteit Gent. Hij is auteur van meerdere boeken en onderzoeksartikelen binnen zijn vakgebied en werkte in 2019 voor de Hoge Gezondheidsraad mee een advies uit over het gebruik van diagnostiek.

Terughoudendheid binnen een diagnostisch proces

Prof. dr. Pieter Adriaens

De gezondheidszorg is een domein waarin onze feitelijke onwetendheid onderschat wordt. We weten al langer dat patiënten de kennis en geneeskracht van artsen, alsook de effectiviteit van hun ingrepen 
overschatten. Sommige artsen hebben zelf ook die neiging. Die overschatting is overigens erg menselijk, in beide groepen. Aan de kant van de artsen is er onder meer het menselijke verlangen een einde te maken aan de onrust van hun patiënten – een onrust die voortkomt uit het lijden, maar ook uit de onwetendheid van patiënten over wat hen overkomt. Aan de kant van de patiënten gaat elke toestand van ziekte gepaard met onzekerheid, die zich vaak vertaalt in een zogenoemde optimism bias (‘als een therapie aangeboden wordt, zullen de voordelen wel groter zijn dan de nadelen’), maar ook met een grote behoeftigheid. Er is de behoefte aan een duidelijke diagnose, die op eenduidige wijze verbonden is met een beproefde therapie, liefst in de vorm van een magic bullet (dat wil zeggen een therapie die én specifiek is én effectief), en die ten slotte zelf niet al te veel nevenwerkingen heeft of schade aanricht. In mijn lezing bespreek ik nut en nadeel van onwetendheid in de (psychische) gezondheidszorg.

Prof. dr. Pieter R. Adriaens is hoofddocent aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven, waar hij doceert over de geschiedenis en filosofie van de wetenschappen, en over de relatie tussen mensen en andere dieren. Hij werkt ook graag aan niet-academische projecten, zoals een documentaire-reeks over de geschiedenis van menselijke homoseksualiteit en een boek en filmproject over een jonge vrouw met het syndroom van Cotard.

Kwaliteitsvolle diagnostiek is interprofessioneel teamwork

Prof. dr. Paul Van Royen

Om een kwaliteitsvolle diagnostiek en daarop gepaste zorg waar te maken, is interprofessioneel samenwerken een basisvoorwaarde. Samenwerken tussen disciplines, professies en sectoren start immers al bij het verzamelen, ordenen en verwerken van beschikbare relevante gegevens vanuit de hulp- of zorgvraag van een patiënt of cliënt. Interprofessioneel teamwerk is niet zo vanzelfsprekend, want je hebt er specifieke competenties van ‘samenwerker’ voor nodig. Interprofessioneel samenwerken vereist een (leer)proces, waarbij vijf stappen essentieel zijn: (1) elkaar leren kennen: wie is de ander en wie ben ik ?; (2) het opstellen van een interprofessioneel (zorg)plan; (3) patiënt/cliëntgericht werken met reflectie/evaluatie van de teamwerking; (4) ethisch handelen vooral bij moeilijke en complexe situaties; (5) en communiceren: hoe, waarom en met wie? Volgens het teamdoelmatigheidsmodel van Fry ligt het geheim van goede samenwerking in vier bouwstenen: het bepalen van een teamdoelstelling, rollen en verwachtingen, procedures of afspraken, en tenslotte interpersoonlijke relaties/interacties en gedragscodes. Belangrijk voor interprofessionele samenwerking is bovendien het hanteren van een gemeenschappelijke taal en eenzelfde raamwerk, zoals bvb. het International Classification of Functioning, Disability and Health model (ICF). Deze bouwstenen van interprofessioneel samenwerken zullen toegelicht worden aan de hand van enkele praktijkvoorbeelden in de diagnostiek en zorg-indicatiestelling. 

Prof. dr. Paul Van Royen is gewoon hoogleraar huisartsgeneeskunde en voorzitter van het onderwijsproject IPSIG. Hij is betrokken in verschillende (Europese) onderzoeksprojecten binnen de eerstelijnsgezondheidszorg. Als huisarts in een groepspraktijk in Antwerpen en als verantwoordelijk bestuurder van het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling, heeft hij een nauw contact met het hele werkveld van de gezondheidszorg. Hij is daarnaast ook coördinator van het Praktijkrichtlijnenproject voor de eerste lijn in België, binnen EBPracticeNet en CEBAM

(IN)SPRAAK: in dialoog met jongeren en hun context over diagnostiek en jeugdhulp

Dr. Julie De Ganck

Een van de doelstellingen van het nieuwe Decreet Integrale Jeugdzorg (Vlaanderen, 2014) betreft de maximale participatie en betrokkenheid van de minderjarige en zijn context in alle fases van het hulpverleningstraject, inclusief het diagnostisch proces. Binnen dit kader realiseerde het Kwaliteitscentrum voor Diagnostiek twee kwalitatieve studies. De eerste studie betreft een case study onderzoek naar de functie van dialoog tussen de verschillende betrokken actoren voor de realisatie van een kwalitatief diagnostisch proces binnen de Integrale Jeugdhulpverlening. Onderzoeker Dorothee De Ganck ging hiervoor in dialoog met drie minderjarigen - opgenomen in een Onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum (OOOC) - en hun systeem en bracht hierbij het volledige hulpverleningstraject van de minderjarigen in kaart (De Ganck, 2019). De tweede studie betreft een documentaireproject waarvoor samengewerkt werd met filmmaker Ivan Boeckmans. De documentaire (IN)SPRAAK die op de deze studiedag in première gaat, toont de particuliere ervaringen en beleving van kinderen en jongeren met diagnostiek en jeugdhulp. 

Dr. Julie De Ganck is directeur van het KCD.
 

Mevr. Dorothee De Ganck is wetenschappelijk medewerker binnen het KCD, waar zij momenteel verantwoordelijk is voor de kennisdeling inzake BelRAI en voor de ontwikkeling van het BelRAI kennis- en vormingsportaal.
 

Dhr. Ivan Boeckmans is filmregisseur en documentairemaker. Hij oogstte internationale faam met de speelfilms ‘Kassablanka’ (2002) en ‘Suspect’ (2005). Met ‘Marvin Gaye - Midnight Love Tour’ (2012) realiseerde hij de allereerste ‘walkumentary’, een wandeldocumentaire waarbij de toeschouwer in de voetsporen treedt van soullegende Marvin Gaye en diens belevenissen in het Oostende uit de jaren ‘80. Voor Ancienne Belgique verzorgt hij live-captaties en live-streams van concerten. Ivan Boeckmans is ook huiscineast bij de Gentse vzw Villa Voortman. Zijn voorliefde voor sociaal geëngageerde projecten en interesse in maatschappelijk relevante thema’s vertaalden zich eerder al in de documentaires ‘Druk’ en ‘Herdruk’ die hij in 2011 samen met onderzoekers van de UGent realiseerde voor het Kinderrechtencommissariaat